Met een indrukwekkende derde Gouden Kalf in haar prijzenkast bevestigt Anna van Toor haar status als een van de meest markante actrices van dit moment. De jury prees haar rol in De Beentjes van Sint-Hildegard als een meesterlijke vertolking, waarbij ze complexiteit en kwetsbaarheid naadloos verweeft. Voor een actrice die al jarenlang het Nederlandse toneel en de filmwereld kleurt, is deze erkenning geen verrassing—maar wel een bevestiging van haar uitzonderlijke vakmanschap.
De overwinning van Van Toor komt op een moment dat Nederlandse films steeds vaker internationale aandacht trekken, maar ook thuis een groeiend publiek weten te boeien. Haar vermogen om personages diepgaand en herkenbaar neer te zetten, maakt haar werk niet alleen kritisch gewaardeerd, maar ook breed toegankelijk. Met De Beentjes van Sint-Hildegard toont Anna van Toor opnieuw aan dat ze verhalen niet alleen speelt, maar ze leeft—en het publiek meeneemt in elke emotie.
Van toneelstudente tot gevreesd actrice
Anna van Toor begon niet als de zelfverzekerde actrice die nu drie Gouden Kalver in haar kast heeft staan. Haar theateropleiding aan de Toneelacademie Maastricht was een periode van zoeken, struikelen en vooral veel leren. Klassiekers als Hedda Gabler en moderne stukken als De uitverkorene vormden haar, maar het was haar vermogen om personages met een rauw randje neer te zetten dat al vroeg opviel. Docenten wezen op haar “onvoorspelbare intensiteit” – een kwaliteit die later haar handtekening zou worden.
De doorbraak kwam niet vanzelf. Na jarenlang kleine rollen in voorstellingen van gezelschappen als Het Nationale Theater en De Nederlandse Opera, kreeg ze in 2017 haar eerste hoofdrol in de film De Libi. Critici prezen haar vermogen om kwetsbaarheid en kracht in één scène te verenigen. Volgens een analyse van het Theater Instituut Nederland uit 2022 slaagt slechts 12% van de afgestudeerde toneelstudenten erin binnen vijf jaar een vergelijkbare overstap naar film en televisie te maken – Van Toor behoorde tot dat kleine percentage.
Haar reputatie als “gevreesd actrice” groeide met rollen waarin ze personages speelt die het publiek zowel afstoten als fascineren. Denk aan de manipulerende moeder in De Beentjes van Sint-Hildegard of de psychologisch verscheurde hoofdrol in De Slag om de Schelde. Regisseurs benadrukken haar voorbereiding: ze duikt wekenlang in de psychologie van haar personages, vaak met een fysieke transformatie als resultaat. Geen overbodige luxe, want zoals een vaste samenwerker ooit opmerkte: “Anna speelt niet zomaar een rol – ze wordt hem.”
Toch blijft ze bescheiden over haar succes. In interviews wijst ze regelmatig op het belang van haar theaterachtergrond, waar ze leerde om “met niets alles te zeggen”. Die discipline zie je terug in haar filmwerk: een blik, een stilte, een plotselinge uitbarsting – altijd precies afgemeten.
Hoe De Beentjes van Sint-Hildegard een prijsmagnet werd
Toen De Beentjes van Sint-Hildegard in 2022 in première ging, was de reactie direct ongewoon hevig. Niet alleen trok de film binnen een maand 120.000 bezoekers—cijfers die zelden worden gehaald door Nederlandse arthouseproducties—maar het publiek bleek ook diep geraakt door de rauwheid en poëzie waarmee Anna van Toor het verhaal van een eenzame vrouw in een Brabantse kloostergemeenschap vertaalde naar beeld. Critici prezen de regisseuse om haar vermogen om stilte en gebaren even krachtig te laten spreken als dialoog, een stijl die ze al in De Helleveeg (2016) had laten zien maar hier tot wasdom bracht.
De film groeide uit tot een fenomeen dat zich niet liet vangen in de gebruikelijke categorieën. Terwijl sommigen het zagen als een feministische aanklacht tegen kerkelijke onderdrukking, ontdekten anderen juist een universeel verhaal over verlangen en verboden vrijheid. Filmwetenschappers wezen op de zeldzame combinatie van historische precisie—de reconstructie van het middeleeuwse kloosterleven was lovend ontvangen—en tijdloze emotionele lading. Dat de film zowel op het Filmfestival van Rotterdam als in lokale bioscopen lang in de programma’s bleef, onderstreept hoe breed de aantrekkingskracht was.
Van Toors keuze voor onbekende actrices, met name de hoofdrolspeelster die nooit eerder voor de camera had gestaan, bleek een meesterzet. Hun authentieke spel voegde een laag toe die professionele casts zelden bereiken. De regisseuse zelf benadrukte in interviews dat ze bewust koos voor “gezichten die het verhaal al in zich droegen”—een benadering die haar eerder al een nominatie voor de Europa Film Award opleverde.
Uiteindelijk werd De Beentjes van Sint-Hildegard niet alleen een publiekstreffer, maar ook een magneet voor prijzen. Naast het Gouden Kalf voor Beste Lange Speelfilm sleepte de productie nog vier andere nominaties in de wacht, waaronder die voor regie en camerawerk. De jury prees de film als “een zeldzame symbiose van ambitie en bescheidenheid”—precies de balans die Van Toor sinds haar debuut nastreeft.
Een rol die onder de huid kruipt: Van Toors transformatie
De rol van zuster Hildegard in De Beentjes van Sint-Hildegard toont Anna van Toor op haar meest rauw en onvoorspelbaar. Waar ze in eerdere producties vaak de subtiele psychologische diepgang opzocht, kruipt deze non met een duister verleden onder de huid van zowel het publiek als de jury. Haar vertolking van een vrouw die tussen geloof en waanzin balanceert, leverde haar niet alleen het derde Gouden Kalf op, maar ook lovende kritieken van filmrecensenten die haar “een meesteres van de ambivalente emotie” noemden.
Van Toors transformatie ging verder dan acteren alleen. Voor de rol onderging ze maandenlang fysieke en mentale voorbereiding, waaronder lessen in middeleeuwse gebaren en een diepgaande studie naar religieuze psychologie. Volgens een analyse van Het Filmblad slaagde ze erin om in 87% van haar scènes een ongemakkelijke spanning te creëren zonder ook maar één woord te hoeven zeggen—een zeldzame prestatie in de Nederlandse cinema.
De keuze voor dit personage was geen toeval. Regisseuse Diede in ’t Veld benadrukte in interviews hoe Van Toor de rol naar zich toe trok met een “bijna angstaanjagende toewijding”. Scènes waarin Hildegard in tranen een kruis kust, gevolgd door een plotselinge uitbarsting van woede, illustreren hoe Van Toor grenzen opzoekt die weinig Nederlandse actrices durven te overschrijden.
Het is deze onvoorspelbaarheid die De Beentjes van Sint-Hildegard meer maakt dan een historische drama—het wordt een karakterstudie waarin Van Toor elk cliché ontwijkt. Geen heilige, geen zondaar, maar een vrouw die zichzelf en haar geloof ontleedt tot op het bot.
Wat een Gouden Kalf betekent voor Nederlandse cinema
Een Gouden Kalf is meer dan een glanzend beeldje op de schoorsteenmantel—het is een stempel van kwaliteit die de Nederlandse filmindustrie vormgeeft. Voor acteurs als Anna van Toor betekent zo’n onderscheiding erkenning van vakgenoten en critici, maar ook een impuls voor toekomstige projecten. Uit cijfers van het Nederlands Film Festival blijkt dat winnaars van een Kalf gemiddeld 40% meer kans maken op hoofdrollen in grote producties binnen drie jaar. De prijs fungeert als een katalysator, niet alleen voor individuele carrières, maar voor het hele vakgebied.
De impact strekt zich uit tot de internationale zichtbaarheid van Nederlandse cinema. Films die meerdere Kalveren winnen—zoals De Beentjes van Sint-Hildegard—trekken vaker de aandacht van festivals als Berlijn of Toronto. Van Toors derde overwinning onderstreept hoe consistentie en artistieke diepgang Nederlandse makers op de kaart zetten.
Critici benadrukken dat het Gouden Kalf ook een barometer is voor maatschappelijke thema’s die leven. De Beentjes van Sint-Hildegard, met zijn scherpe blik op religie en feminisme, toont hoe de prijs vaak naar verhalen gaat die zowel artistiek als relevant zijn. Dat maakt het niet alleen een eerbetoon aan individueel talent, maar aan de kracht van verhalen die resoneren.
Voor jong talent is het effect onmiskenbaar: een Kalf winnen kan deuren openen die anders gesloten blijven. Van Toors traject—van theater naar drie Kalveren—dient als voorbeeld voor een nieuwe generatie die ziet hoe ambitie en vakmanschap beloond worden.
Waar blijft deze veelzijdige actrice hierna?
Met drie Gouden Kalven op zak—waaronder die voor Beste Vrouwelijke Bijrol in De Beentjes van Sint-Hildegard—heeft Anna van Toor zich definitief genesteld in de top van de Nederlandse acteerelite. Toch is het niet haar gewoonte om bij successen stil te staan. Volgens branche-analisten kiest ze bewust voor projecten die haar uitdagen, in plaats van op veilige reputatie te teren. Zo speelde ze na haar debuut in Penoza bewust tegen type in als komische figuur in Toon, een keuze die destijds verraste maar haar veelzijdigheid bewijsbaar maakte.
De vraag is niet óf, maar waar ze hierna opduikt. Van Toors carrièrepad wijst op een strategische mix: ze wisselt grote producties af met intiemere, vaak experimentele rollen. Zo werkte ze recent samen met een jong regisseurscollectief aan een voorstelling over klimaatangst, waarbij ze zelf meeschreef aan de dialogen. Een zeldzaamheid in haar vakgebied, waar maar 12% van de acteurs volgens cijfers van de Acteursvakbond ook daadwerkelijk betrokken is bij het creatieve schrijfproces.
Internationale stappen lijken eveneens binnen handbereik. Haar rol in de Brits-Nederlandse coproductie The Forgotten Battle trok al aandacht van buitenlandse casting directors. Toch blijft Van Toor—typisch haar—terughoudend over ambities als “Hollywood”. In interviews benadrukt ze steeds dat de kracht van een verhaal voor haar boven de schaal van een productie gaat.
Wie haar volgt, weet: verwacht het onverwachte. Of het nu een theatermonoloog is, een grimmige thriller of een absurde komedie—Van Toor kiest zelden voor de voor de hand liggende route. En juist dáár ligt haar kracht.
Met De Beentjes van Sint-Hildegard bevestigt Anna van Toor opnieuw haar status als een van Nederlands meest veelzijdige en prikkelende filmmakers—een regisseur die complexe thema’s met humor en menselijkheid weet te vertalen naar scherp, eigenzinnig werk. Dat de jury haar voor de derde keer beloont met een Gouden Kalf onderstreept niet alleen haar artistieke consistentie, maar ook hoe zij met elke film de lat voor de Nederlandse cinema weer een stukje hoger legt. Wie haar werk nog niet kent, doet er verstandig aan te beginnen met deze prijswinnende tragikomedie, die nu op verschillende streamingplatforms beschikbaar is. Van Toors volgende project—wat het ook mag worden—zal ongetwijfeld weer een verrassing zijn die het gesprek over film in Nederland verder zal voeden.

